Maak de oesters open en bedek deze met een van de drie onderstaande sauzen. Leg de oesters op een grill zodat je deze gemakkelijk op de rooster van een BBQ of rookoven (minstens 70°C)kan plaatsen en ze er ook snel weer kan afhalen. Zet de oesters in de rookkast of op de BBQ en zorg voor voldoende vuurkruiden op de BBQ zodat er flink wat rookontwikkeling is. Vuurkruiden en houtmot steeds vochtig maken voordat ze op de BBQ (liefst aan de randen) worden gestrooid. Vuurkruiden die branden geven geen rook ! Haal deze na max 5 minuten van de BBQ of na 10 minuten uit de rookkast.
Serveer de oesters op een bedje van grof zeezout zodat ze stevig blijven staan en er niets van het vocht in de oester verloren gaat.
4 borststukken van wilde eenden 250 g bospaddenstoelen (eekhoorntjesbrood, kastanjeboleten, cantharellen… ) 1 citroen 100g gouduitjes 250 ml room 250 ml vleesglaçe 2 el halfdroge Madeira (Verdelho of Boal) 150g boter kalfsfondpoeder of -pasta. 8 aardappelen (vastkokend- Nicola), ronde uitsteker
Bereiden:
Schil de aardappelen en maak de aardappelcilinders: Hou de aardappel rechtop en snij de twee zijkanten eraf. Steek er met een ronde uitsteker vervolgens twee aardappelcilinders uit. Doe dit met alle aardappelen. Zet de aardappelcilinders rechtop in een kookpot en zet ze net onder water. Voeg hier nog 3 eetlepels boter en een koffielepel kalfsbouillonpasta aan toe. Laat koken tot het water volledig verdwenen is, door het toevoegen van de boter zullen de aardappelen daarna automatisch beginnen bakken en een mooi kleurtje krijgen. Draai de pot met aardappeltjes om, en wacht tot ze van de bodem vallen. Hou ze warm.
Blancheer de gouduitjes in lichtgezouten kokend water, laat ze schrikken onder koud water, zo kan je ze pellen. Laat boter smelten in een sauteuze en glaçeer de uitjes met wat vleesglaçe tot ze gaar zijn.
Kruid de borststukken met peper en zout. Verhit een flinke klont boter en bak de borststukken zoals een biefstuk (rosé of à point, naar smaak). Haal de pan van het vuur en laat het vlees rusten onder aluminiumfolie.
Borstel de paddenstoelen droog schoon en snij ze mooi regelmatig in grote stukken. Bak ze krokant bruin in dezelfde pan. Kruid met peper en zout en voeg er op het laatste moment knoflook en een beetje citroensap aan toe. Hou warm.
Roer de bakresten in de pan los met de vleesglaçe, room en madeira en laat tot de helft inkoken. Wrijf de saus door een zeef en kruid eventueel nog wat bij met peper en zout, voeg nog een klontje boter toe op het laatst om de saus te laten glanzen.
Serveren:
Snij de eendenfilets schuin in dikke plakken en schik deze op voorverwarmde borden. Schep er de paddenstoelen, de gouduitjes en de fondantaardappelen naast en lepel er wat van de saus rond.
6 verse kreeften van ongeveer 700 gr 2 dl whisky (olijf)-olie, pezo 6dl room 6dl visfumet 6dl witte wijn
Voorbereiding:
Snijd de kreeften levend door:
Neem de kreeften bij de scharen.
Neem de kreeft vast bovenop de rug (nooit onderaan de staart, want die kan sluiten en in je vingers snijden) Houd de kreeft altijd goed vast.
Snijd eerst de kop: neem de kop goed vast en prik met de punt van je mes in de kreeft. Prik achter het hoofd met je mes, snijd naar voor (richting ogen) en als je niet meer verder kan klop je met je hand op het mes om zo de kop en de ganse kreeft doormidden te hakken.
Draai de kreeft om, snijd naar de staart en van zodra je niet meer verder kan, klop je met je hand op het mes om zo door de staart te breken.
Vind bovenaan in de kop de maag en haal ze eruit. Haal onderaan het darmkanaal eruit. Laat de eventuele eitjes in de kreeft.
Hak de punten van de scharen af. Snijd de ellebogen door.
Bereiden:
Bereid de witte wijnsaus: laat de visfumet, de witte wijn en de room inkoken tot gewenste sausdikte, op smaak brengen met pezo.
Verwarm de oven voor op 180C°
Laat olijfolie verwarmen in een grote braadpan. De kreefthelften aanbakken langs de vleeskant, tot ze licht verkleuren, daarna omdraaien en even verder bakken.
De kreeften flamberen met whisky. Witte wijnsaus (room, visfumet, witte wijn en pezo) toevoegen en nog 5 minuten laten garen in de oven. De totale bereiding mag niet langer duren dan 10 minuten.
Uit de oven halen , even laten afkoelen tot je de kreeft kan vasthouden om de scharen te breken.
Breek dan de scharen open: leg in een loodrechte hoek, vind de 2 puntjes, positioneer je mes en hak zodat je de schaar makkelijk kan openbreken.
Breek het bewegende deel van de schaar en trek het vlees eruit. Tik met een mes halfhard op de rest van de schaar, geef je mes een kleine wring zodat de schaar scheurt. Wring met je mes de scheur verder open en breek de schaar open.
Serveren:
Serveer de kreeft met de saus op een groot bord. Geef er brood bij.
6 eieren (6 eiwitten en 3 eierdooiers) 250g limoncello 6 el suiker 250g mascarpone 500g room 250g water ½ appel per persoon (type jonagold) 1 el ongemalen koffiebonen 15 lange vingers Witte chocoladeschilfers Bloemsuiker Munt als garnituur
Bereiding:
Zet de limoncello in een steelpannetje op het vuur en laat 15-20 min inkoken en terug afkoelen.
Klop de eigelen met de 2 el suiker schuimig wit.
Voeg de mascarpone eraan toe en meng tot een egale massa.
Klop de room met 2 el suiker op en voeg toe.
Klop de eiwitten met 2 el suiker (suiker pas tegen het einde toevoegen) op.
Dek het beslag af met vershoudfolie en laat opstijven in de koelkast.
Voeg 250g water toe aan de limoncello.
Schil de appels, verwijder het klokhuis en snijd ze in blokjes.
Doe de blokjes bij de limoncello.
Voeg een el koffiebonen aan toe en laat inkoken.
Opletten dat de appelblokjes niet te plat worden, ze moeten nog flink beetgaar blijven.
Haal de appelblokjes uit de limoncello en laat beide ingrediënten afkoelen.
Dresseren:
Doe een lepel van het tiramisubeslag in een kommetje.
Halveer de lange vingers en doop ze in de limoncello en leg ze op het beslag.
Strooi hier appelblokjes over en leg nog een laag beslag.
Werk af met witte chocoladeschilfers en daarop wat bloemsuiker, 3 koffiebonen en een blaadje munt.
Voor de basilicumolie: 1 potje basilicum 2 teentjes knoflook Sap van 1 citroen 8 eetlepels olijfolie pezo
Bereiding:
Verwarm de oven voor op 200°C
Klop de eieren luchtig. Houd een beetje apart om de randen van het taartje te bestrijken. Voeg de room toe.
Snijd de mozzarellabolletjes in tweeën en halveer de kerstomaatjes.
Bestrijk 14 vuurvaste schaaltjes met olijfolie.
Snijd 14 cirkels uit het bladerdeeg ter grootte van de schaaltjes en leg het deeg in de schaaltjes.
Bestrijk de randen met ei. Prik een aantal keer in het bladerdeeg met een vork.
Verdeel de mozzarella, de kerstomaatjes en versnipperde blaadjes basilicum over het bladerdeeg.
Giet er het eimengsel op.
Zet de taartjes 20 minuten in de oven.
Maak intussen de basilicumolie:
Hak het teentje knoflook grof. Mix het citroensap, de olijfolie, de look en de basilicumblaadjes in een blender (of mixer) tot je een gladde saus hebt.
Op smaak brengen met pezo.
Afwerking:
Sprenkel wat basilicumolie over de taartjes en dien op.
Plet de kaas met een vork, of mix in een keukenrobot
Meng er het versnipperd sjalotje, peterselie, cayennepeper, de cognac, de wijn, de Worchestersaus, peper van de molen, en zout bij onder.
Laat enkele uren afgedekt in de ijskast staan.
Maak het broodkruim, maal het eventueel in de keukenrobot
Maak met behulp van 2 koffielepels bolletjes van de kaasbereiding en wikkel ze in het broodkruim. Kan ook met gehakte nootjes, pistaches….
Voor de saus: vermeng alle ingrediënten met een staafmixer (verdun eventueel met een scheutje room of melk)
Presentatie: leg enkele bolletjes op een bord samen met de stukjes selder. Versier met wat radijsjes en takjes groene kruiden. Lepel het sausje er bij. Serveer met toast.